De Eifel is een uitgestrekt gebied. Dit bestaat uit een grote diversiteit aan biotopen en landschappen. Tijdens deze lezing staat de Noord-Eifel, het gebied tussen grofweg Aken, Düren, Schleiden en de Hoge Venen, centraal. De zinkgraslanden rondom Stolberg en Breinig zijn begroeid met Zinkviooltje, Engels gras en Blaassilene en leefgebied van vele soorten dagvlinders. Rondom Monschau ligt het heggenlandschap met zijn beukenhagen. Dit wordt doorsneden door de snelstromende Roer met diverse soorten vissen als Bermpje, Beekprik en Beekforel. Waterspreeuw en Grote gele kwikstaart zijn langs het water te zien. In de beekdalen met moerassen met Adderwortel en Moerasspirea leven Parelmoervlinders als Purperstreep-parelmoervlinder, Zilveren maan en Ringoogparelmoervlinder. Ook de Blauwe en Rode vuurvlinder voelen zich hier thuis.
Een prachtig natuurgebied is Nationaal Park Eifel met zijn stuwmeren, eikenbossen met Middelste bonte spechten en beukenbossen waar eeuwenlang de houtskoolmeilers rookten komen aan bod. De Noord-Eifel kent ook een grote populatie Edelherten, Wilde zwijnen en Wilde katten. Zelfs de Zwarte ooievaar en de Raaf voelen zich hier prima thuis.